Hoe verander je de wereld?

Ik kom toch elke keer weer bij het volgende terecht: De realiteit die je ervaart is een externe projectie van een innerlijke conditie. Het is een zin uit Een Cursus in Wonderen die ik voor mijn gemak hier geparafraseerd heb. Iedereen kan quotes uit zijn hoofd leren, maar de kunst is om het je eigen te maken zodat het daadwerkelijk iets voor of met je doet.

De realiteit die je ervaart is een externe projectie van een innerlijke conditie. Om dit goed te begrijpen moeten we weten wat er met 1: ‘de realiteit’; 2: ‘externe projectie’; en 3: ‘innerlijke conditie’ precies wordt bedoeld.

  1. De realiteit die ik ervaar is de wereld die ik zie, inclusief mijzelf als lichaam. Die wereld, inclusief mijzelf als lichaam, is, zoals de zin ons vertelt, een externe projectie.
  2. De externe projectie is iets dat wordt geprojecteerd op iets wat niet die projectie is. Zoals een film wordt geprojecteerd op een scherm, waarbij het scherm niet de film is.
  3. De innerlijke conditie is hetgeen dat geprojecteerd wordt en dat is iets dat bestaat voor hetgeen dat de projectie projecteert. Je zou het kunnen zien als de film die door de projector wordt geprojecteerd op het scherm.

Die innerlijke conditie is niet de conditie van het lichaam dat we denken te zijn, want het lichaam is een deel van de realiteit die ontstaat dankzij het samenspel tussen projector en scherm. De innerlijke conditie bevindt zich in de denkgeest van waaruit de projectie — lichaam, ego, wereld, de ervaren realiteit — geprojecteerd wordt op het blanco canvas van wat we de ‘echte wereld’ zouden kunnen noemen. De echte wereld is de wereld zoals die is zonder onze perceptie van de projectie, of, anders gezegd, het scherm zonder de film.

Het volledig begrijpen van de zin ‘De realiteit die je ervaart is een externe projectie van een innerlijke conditie’ laat mij ten eerste inzien dat het absoluut zinloos is om iets in of aan de geprojecteerde wereld en realiteit te veranderen. In een bioscoop loop ik, wanneer de film die ik zie mij niet bevalt, ook niet naar het filmscherm om daar iets te veranderen aan het verhaal, want het is alleen maar een projectie op een scherm.

Ten tweede laat het mij zien dat het even zinloos is om iets te veranderen aan het lichaam dat ik binnen deze geprojecteerde realiteit als ‘mijzelf’ ervaar. Dat lichaam is als de lens van de projector die de film projecteert en iedereen snapt, dat als je de lens van de projector aanpast, of zelfs vervangt door een andere lens, of mooier maakt met allemaal toeters en bellen, het verhaal van de film niet verandert.

En ten derde laat het me zien dat de enige plek waar ik iets aan de projectie kan veranderen, waar ik iets aan die innerlijke conditie kan doen die de oorzaak is van de projectie van mijn ervaren realiteit, zich voor de projector bevindt en dus voor het lichaam dat ik geloof te zijn, en dan kom je uit bij wat Een Cursus in Wonderen ‘de denkgeest’ noemt.

Om de allegorie van de bioscoop te gebruiken, de enige manier om het verhaal dat op het filmscherm wordt geprojecteerd te veranderen is niet door het beeldscherm te veranderen, niet door de projector te veranderen, maar door de film te veranderen. Dit betekent niet dat je de projectie op het scherm links laat liggen of gaat negeren, zoals zoveel non-dualisten doen, maar dat je de projectie tot je neemt zodat je het kunt gebruiken.

Om te weten hoe en waar ik het verhaal van de film wil veranderen, om te weten wat er mis is met het verhaal, moet ik de film eerst zien. Met andere woorden, ik moet mijn leven binnen de geprojecteerde realiteit leven en doorstaan zodat ik dat kan gebruiken om te zien wat de innerlijke conditie is van de denkgeest.

Alles wat ik ervaar, alles wat er om mij heen gebeurt, is mijn perceptie en interpretatie van de projectie van de innerlijke conditie van de denkgeest. Wanneer ik daarnaar kijk en alles tot mij neem, dan levert dat gevoelens en emoties op en die kan ik gebruiken. Door de tijd te nemen deze gevoelens en emoties te voelen, kan ik ze gebruiken om terug te keren naar eenheid, wat de denkgeest is. Daar, in die denkgeest, in die eenheid, kan de innerlijke conditie, middels het ‘zitten’ met de emoties en gevoelens, opgelost worden waarna de projectie — de wereld en de realiteit — anders kan worden ervaren.

De energie die deze wereld en realiteit in stand houdt, wat in feite de projectie in stand houdt, is de angst om het bovenstaande gegeven, dat de realiteit die je ervaart een externe projectie van een innerlijke conditie is, volledig te omarmen. Het is de angst om volledig te omarmen dat je niet bent wat je denkt te zijn, het is de angst om niet te bestaan en nooit te hebben bestaan, en dat wordt op het scherm van de wereld geprojecteerd als doodsangst.

Het maakt niet uit of die angst wordt geprojecteerd in de vorm van angst voor daadwerkelijk dood te zijn of in de vorm van angst voor de misschien pijnlijke manier waarop we doodgaan, of zelfs in de vorm van angst dat mensen om ons heen doodgaan. Het is allemaal dezelfde angst die er voor zorgt dat we niet in staat zijn om volledig terug te herinneren naar éénheid, dezelfde angst waardoor we niet in staat zijn om te kijken naar de innerlijke conditie en precies dezelfde angst die er voor zorgt dat er nooit iets verandert aan de projectie op het scherm.

Misschien overbodig, maar nog één keer de samenvatting. Als je iets wilt veranderen aan de wereld waarin je leeft, of iets wilt veranderen aan jezelf, dan kan dat alleen door de innerlijke conditie in de denkgeest te veranderen, net zoals je het verhaal op het filmscherm niet verandert door het scherm of de projector te veranderen, maar door de film te veranderen.

Hiervoor moet je onderzoeken waarom je die innerlijke conditie gelooft en voor waar aanneemt. Het absolute geloof in de waarheid van die innerlijke conditie is de enige voorwaarde voor de projectie van die innerlijke conditie als een externe realiteit. Onderzoek kan openbaren op welke aannames het is gebaseerd, welke verhalen je voor waar hebt aangenomen en gebruikt om je persoonlijkheid te fabriceren die weer verantwoordelijk is voor de manier waarop je de realiteit en de wereld om je heen waarneemt, interpreteert en ervaart.

Dit zelfonderzoek — niet naar de zelf die je denkt te zijn, niet naar het lichaam of de geest, maar naar de zelf als denkgeest, naar dat wat je werkelijk bent, dat wat vooraf gaat aan de projectie — kan leiden tot de conclusie dat alles is gebaseerd op valse aannames. Dat is waar de doodsangst vandaan komt. Die doodsangst wordt door de egodenkgeest gebruikt om te voorkomen dat jij dit onderzoek werkelijk oprecht en volledig gaat doen en houdt zo de externe projectie in stand als een daadwerkelijk bestaande externe realiteit.

Wat te doen?

Dit zijn vreemde tijden. Verontrustend en onzeker, maar ook wonderlijk en bijzonder. We zitten middenin wat men een corona-crisis noemt, waarbinnen ontzettend veel mensen heel erg angstig zijn. Wanneer angst overheerst, dan lukt het niet meer om na te denken, wat als gevolg heeft dat een groot deel van de wereldbevolking zonder een greintje scepticisme aanneemt en accepteert wat de politici, wetenschappers en experts vertellen.

Er wordt ons verteld dat er een nieuw virus is dat besmettelijker en dodelijker is dan een griepvirus of een SARS-virus, maar de cijfers en de wetenschappelijke bevindingen van veel onafhankelijke wetenschappers, virologen en doktoren onderbouwen dit niet. Helaas, omdat iedereen angstig is, komt deze informatie bij veel mensen niet binnen en voelt het veiliger om de vertrouwde regering en mainstream media te geloven.

Het voelt veiliger om mee te gaan met de meute, om je aan te sluiten bij de meerderheid, dan om een conclusie te accepteren die er voor zorgt dat je alleen komt te staan. Niettemin, wanneer je werkelijk naar de cijfers en de data kijkt, kun je niet anders dan tot de conclusie komen dat het verhaal dat ons wordt verteld niet klopt. Er gaan niet meer mensen dood aan Covid-19 dan aan een flinke griep, SARS, malaria of AIDS, en daar hebben we nog nooit zo idioot angstig op gereageerd.

Als we de periode vanaf de Tweede Wereldoorlog nemen, is er nog nooit zo angstig en spastisch gereageerd op een ziekte-uitbraak, en zeker niet op een ziekte waaraan vrijwel de meeste mensen niet sterven en het merendeel zelfs alleen maar milde klachten heeft. Er moet wat anders aan de hand zijn en de corona-crisis wordt overduidelijk gebruikt om iets voor elkaar te krijgen. Om tot deze conclusie te komen hoeven we ons niet te verdiepen in complot-theorieën, we hoeven alleen maar te kijken naar wat de ziekte veroorzaakt en wat de maatregelen zijn die worden getroffen.

Het gaat om een virusinfectie die niet meer mensen treft dan de gemiddelde griepvirus en waarvan slechts 10% van de mensen die het krijgt werkelijk ernstig ziek worden. Van de mensen die ernstig ziek worden, overleeft een nog kleiner percentage het niet en van het percentage dat het niet overleeft, sterft het merendeel niet aan de virusinfectie maar aan het feit dat ze al een slechte gezondheid, kanker of hartklachten hadden.

Dit alles is volgens de machthebbers een goede reden om de wereldeconomie plat te leggen, mensen te bewegen of te dwingen tot huisarrest en ook te dwingen tot anderhalve tot twee meter afstand van elkaar. Ze doen ons geloven dat dit niet heel erg is om te doen. Het is voor onze gezondheid en de gezondheid van anderen, overtuigen ze ons, dus hoe erg is het om je hier aan te houden?

Het is heel erg, het is verwoestend. Wij zijn als wezens afhankelijk van anderen die het leven met ons delen, ook de mensen die dat ontkennen. Compassie, genegenheid, liefde en fysiek contact is een noodzakelijkheid. Daarnaast zijn we altijd op zoek naar samenzijn, naar eenheid. We kunnen alleen overleven als groep, als eenheid; een mens alleen is kwetsbaar.

Nu wordt ons verteld dat we samen deze crisis zullen overwinnen door afstand van elkaar te houden en ons af te zonderen, maar als je alleen al naar die zin kijkt, dan ziet elk mens met anderhalve hersencel dat het onzin is.

Ik herhaal hem nog eens voor je:

Wij gaan SAMEN deze crisis overwinnen door AFSTAND TE HOUDEN en ons AF TE ZONDEREN.

Compleet gestoord, lijkt mij.

Laat ik het anders benaderen. De mens, zoals ik al zei, is altijd op zoek naar eenheid, omdat eenheid is wat we zijn. Er is geen wereld, er is alleen Dat wat IS waarin een wereld verschijnt. Die wereld is gevormd vanuit de angst die ontstond toen we, als Dat wat IS, als Denkgeest, dachten dat het een goed idee was om afgescheiden in dualiteit verder te gaan. Dat was een klein idioot en onmogelijk idee, maar we vergaten er om te lachen en namen het bloedserieus.

Binnen die schijnbare afscheiding ontstond ook een schijnbare splitsing in de denkgeest, met aan de ene kant de aardse ego-denkgeest die de wereld projecteert om de afscheiding werkelijkheid te maken en ons hier gevangen te houden, en aan de andere kant de juiste-denkgeest die ons herinnert aan eenheid. In waarheid is er maar één denkgeest. In die ene denkgeest bevindt zich een keuze-makend deel van de denkgeest waar we hebben gekozen voor dat idiote en onmogelijke idee van afscheiding.

De juiste-denkgeest herinnert ons aan de eenheid vanwaar we denken en geloven dat we ons hebben afgescheiden, terwijl de ego-denkgeest krampachtig probeert ons tegen elkaar op te zetten en van elkaar af te scheiden. Aan de ene kant willen we terug naar waar we vandaan komen — eenheid, Dat wat IS of voor mijn part God — en aan de andere kant doen we, onder leiding van de ego-denkgeest, ons best om onszelf te overtuigen dat we werkelijk afgescheiden zijn van eenheid en dat de wereld werkelijk bestaat.

Als je er zo naar kijkt, kun je niet anders dan concluderen dat deze hele corono-crisis, met al die maatregelen die gericht zijn op afscheiding en isolatie, een perfecte methode van de ego-denkgeest is om ons bij eenheid weg te houden. Ontzettend veel mensen leven in afscheiding en isolatie uit angst dat andere mensen hen aansteken of dat zij andere mensen aansteken, zij gaan vrijwillig in quarantaine en daarmee weg van eenheid. Angst creëert afscheiding en houdt het in stand en angst is het tegenovergestelde van liefde, wat staat voor samenzijn en eenheid — een eenheid waarnaar we op zoek zijn.

Dit is het moment om opnieuw een keuze te maken. Dit is het perfecte moment om terug te gaan naar het keuze-makend deel van onze denkgeest waar we ooit de mogelijkheid creëerden om te kiezen tussen, aan de ene kant, Eenheid en Liefde (God), en aan de andere kant, Afscheiding en Angst (Ego).

Ooit kozen we daar voor Afscheiding en Angst, met alle gevolgen van dien. Nu moeten we terug naar het moment waarop we die keuze maakten en opnieuw kiezen, deze keer voor Liefde en Eenheid. Om dat te doen dienen we hier en nu, in deze wereld van afscheiding en dualisme, midden in deze corona-crisis, te kiezen voor Liefde en Eenheid in plaats van Afscheiding en Angst. Hiervoor dien je een streep in het zand te trekken en te zeggen: “tot hier en niet verder.” Dat is een keuze die ieder voor zich moet maken, maar volgens mij wel een keuze die het overwegen waard is.

Ik ga niet mee in de angst van de ego-denkgeest, die de wereld gebruikt om ons op te sluiten in onze woningen en ons afhankelijk maakt van dezelfde mensen en instanties die onze vrijheden hebben afgenomen door de wereldeconomie in te laten storten voor een ziekte die letterlijk niet ingrijpender is dan de doorsnee griep. Ik accepteer de maatregelen niet en houd me niet aan de voorschriften, omdat ik zie wat het is, zie waarvoor het dient en zie wat het met ons doet. Ik wil me niet afzonderen, ik wil niet andere mensen ontwijken; ik wil daadwerkelijk samen verder, als eenheid vanuit liefde.

Dit kan gezien worden als asociaal en ongevoelig, maar dat is alleen zo vanuit de ego-denkgeest. Vanuit de juiste denkgeest bekeken, is het juist het doorbreken van de strategie van de ego-denkgeest en daarmee is het kiezen voor Liefde op weg terug naar Eenheid. Hiervoor moeten we we elkaar opzoeken en aanraken in plaats van wegblijven en ontwijken. Om specifiek, oprecht en overduidelijk te kiezen tegen Angst, moeten we laten zien dat we voor Liefde kiezen. Geef elkaar een hand, een klop op de schouder, een kus op de wang of omhels elkaar… daar ga je echt niet dood aan.

Ik wist niet wat ik deed

Deze ochtend werd ik ontzettend kwaad en gefrustreerd wakker en ik heb dit vanzelfsprekend gedeeld op Facebook — wellicht niet al te vriendelijk, gezien de reacties — en ben daarna gaan wandelen. Ik ben uiteindelijk ergens aan het water gaan zitten, heb later een patatje met mayo gekocht, en thuis gekomen ben ik op bed gaan liggen. Helemaal kapot! De reden is dat ik geloofde dat het verhaal over een coronavirus waar was en na vier weken dit verhaal te hebben geloofd, brak ik.

Los van of ik het officiële verhaal van de coronacrisis geloof of niet, verandert dat niets aan het gegeven dat ik het verhaal over een coronacrisis, gecreëerd of niet, geloofde. Het maakt niet uit of je meegaat in de angst van anderen of dat jij je verzet tegen de angst van anderen, hoe dan ook neem je dan de angst van anderen serieus en geloof je dat verhaal. Alles waar je energie insteekt, neem je blijkbaar serieus en dan neem je het blijkbaar voor waar aan.

Op dit moment heb ik tijdelijk alle inkomende informatie stopgezet. ik lees geen nieuws, luister geen radio en ik heb mijn persoonlijke Facebookpagina gedeactiveerd. Er is nu alleen ik als Frits, een punt van perspectief, en ik als die Frits ervaar wat er nu hier werkelijk schijnt te zijn. Dat bestaat uit mijn laptop met een extern toetsenbord, het bureau waaraan ik werk, een glas water en een blikje bier links van me, een muur waarop een lijstje hangt met de woorden “hatseflats” en voor de rest de geluiden van spelende kinderen en af en toe een motorvoertuig, maar voor de rest geen crisis, geen corona en geen angstige mensen.

Vanuit de egodenkgeest wordt er een verhaal verteld en aan dat verhaal is niet te ontkomen. De enige keuze die je hebt is het verhaal geloven of niet. Ik heb het dan niet over het wel of niet geloven van een detail van het verhaal. Ik heb het niet over of er wel of geen coronavirus is en of er wel of niet een crisis is, ik heb het over het gehele verhaal waarin het ene personage gelooft dat er een coronavirus en een crisis is en een ander personage gelooft dat dit niet zo is, en een ander weer gelooft dat er wel een coronavirus is maar geen crisis terwijl een ander gelooft dat er wel een crisis is, maar dat dit niets met het coronavirus te maken heeft.

De egodenkgeest heeft als enig schijnbaar doel het idee van afscheiding tot waarheid te maken. Dat doet het middels angst voor iets buiten ons en het verhaal van de coronacrisis is daar een mooi voorbeeld van. In dit verhaal zijn we bang voor een virus dat we niet kunnen zien en dat we kunnen oplopen via contact met andere mensen. Niet alleen proberen we ons af te scheiden van het virus, door het niet op te lopen, we scheiden ons ook nog eens fysiek af van andere mensen door 1 meter 50 afstand te houden.

Ook ik ben daar ingestonken. Ook ik geloofde in het verhaal en ging mijzelf nog eens extra afscheiden door een controversieel standpunt in te nemen en mij te verzetten tegen de meningen en acties van anderen. Absoluut geniaal van die egodenkgeest en op dit moment snap ik nog niet helemaal hoe ik er in mee heb kunnen gaan. Zo doortrapt is die egodenkgeest dus blijkbaar en ik vermoed dat ik die egodenkgeest aan het onderschatten ben geweest, waardoor het in feite in mijn gezicht is geëxplodeerd. Gelukkig! Ik ben daar extreem dankbaar voor.

Het verhaal, elk verhaal, is niets meer dan een externe projectie van een innerlijke conditie. Dit houdt letterlijk in dat IK het enige is dat er is. Niet ik als Frits, want dat is ook een projectie, maar IK, of HET IK, alias, Dat wat IS dat Frits als punt van perspectief heeft gekozen. Dit houdt in dat IK gelooft in afscheiding, aangezien dat is wat ik als Frits zie. Bovendien is het niet alleen wat ik als Frits zie, maar ook wat ik als Frits de afgelopen weken geloofde als zijnde waarheid… en dat laatste is een keuze die IK onbewust heeft genomen als ik als Frits.

Vanochtend explodeerde dat en door er naar te kijken en het te analyseren, heb ik de kans gekregen om opnieuw te kiezen. Ik zie nu opnieuw het verhaal als een projectie. Ik zie dat het leven een verhaal is dat vertelt wordt door een gespleten denkgeest die er op uit is om gescheidenheid en angst te verspreiden, in een poging het verhaal tot waarheid te bombarderen. Het is niet de bedoeling het verhaal te veranderen, maar er is wel de vrijheid om ervoor te kiezen om het te zien als slechts een verhaal.

Elk punt van perspectief heeft zijn eigen beeld van dat verhaal en elk punt van perspectief krijgt dagelijks de uitnodiging om zijn versie van het verhaal te geloven of niet. Niet een deel van het verhaal, niet alleen maar het deel dat hem niet aanstaat, maar het hele verhaal. Het hele verhaal is helemaal waar of het hele verhaal is helemaal niet waar. Dat is de keuze die we hebben. Daarmee verander je niet het verhaal, maar wel de manier waarop je er naar kijkt en de manier waarop je het ervaart, en dit is mij de afgelopen vier weken ontgaan. Mijn excuus daarvoor, ik wist niet wat ik deed.