Ik wist niet wat ik deed

Deze ochtend werd ik ontzettend kwaad en gefrustreerd wakker en ik heb dit vanzelfsprekend gedeeld op Facebook — wellicht niet al te vriendelijk, gezien de reacties — en ben daarna gaan wandelen. Ik ben uiteindelijk ergens aan het water gaan zitten, heb later een patatje met mayo gekocht, en thuis gekomen ben ik op bed gaan liggen. Helemaal kapot! De reden is dat ik geloofde dat het verhaal over een coronavirus waar was en na vier weken dit verhaal te hebben geloofd, brak ik.

Los van of ik het officiële verhaal van de coronacrisis geloof of niet, verandert dat niets aan het gegeven dat ik het verhaal over een coronacrisis, gecreëerd of niet, geloofde. Het maakt niet uit of je meegaat in de angst van anderen of dat jij je verzet tegen de angst van anderen, hoe dan ook neem je dan de angst van anderen serieus en geloof je dat verhaal. Alles waar je energie insteekt, neem je blijkbaar serieus en dan neem je het blijkbaar voor waar aan.

Op dit moment heb ik tijdelijk alle inkomende informatie stopgezet. ik lees geen nieuws, luister geen radio en ik heb mijn persoonlijke Facebookpagina gedeactiveerd. Er is nu alleen ik als Frits, een punt van perspectief, en ik als die Frits ervaar wat er nu hier werkelijk schijnt te zijn. Dat bestaat uit mijn laptop met een extern toetsenbord, het bureau waaraan ik werk, een glas water en een blikje bier links van me, een muur waarop een lijstje hangt met de woorden “hatseflats” en voor de rest de geluiden van spelende kinderen en af en toe een motorvoertuig, maar voor de rest geen crisis, geen corona en geen angstige mensen.

Vanuit de egodenkgeest wordt er een verhaal verteld en aan dat verhaal is niet te ontkomen. De enige keuze die je hebt is het verhaal geloven of niet. Ik heb het dan niet over het wel of niet geloven van een detail van het verhaal. Ik heb het niet over of er wel of geen coronavirus is en of er wel of niet een crisis is, ik heb het over het gehele verhaal waarin het ene personage gelooft dat er een coronavirus en een crisis is en een ander personage gelooft dat dit niet zo is, en een ander weer gelooft dat er wel een coronavirus is maar geen crisis terwijl een ander gelooft dat er wel een crisis is, maar dat dit niets met het coronavirus te maken heeft.

De egodenkgeest heeft als enig schijnbaar doel het idee van afscheiding tot waarheid te maken. Dat doet het middels angst voor iets buiten ons en het verhaal van de coronacrisis is daar een mooi voorbeeld van. In dit verhaal zijn we bang voor een virus dat we niet kunnen zien en dat we kunnen oplopen via contact met andere mensen. Niet alleen proberen we ons af te scheiden van het virus, door het niet op te lopen, we scheiden ons ook nog eens fysiek af van andere mensen door 1 meter 50 afstand te houden.

Ook ik ben daar ingestonken. Ook ik geloofde in het verhaal en ging mijzelf nog eens extra afscheiden door een controversieel standpunt in te nemen en mij te verzetten tegen de meningen en acties van anderen. Absoluut geniaal van die egodenkgeest en op dit moment snap ik nog niet helemaal hoe ik er in mee heb kunnen gaan. Zo doortrapt is die egodenkgeest dus blijkbaar en ik vermoed dat ik die egodenkgeest aan het onderschatten ben geweest, waardoor het in feite in mijn gezicht is geëxplodeerd. Gelukkig! Ik ben daar extreem dankbaar voor.

Het verhaal, elk verhaal, is niets meer dan een externe projectie van een innerlijke conditie. Dit houdt letterlijk in dat IK het enige is dat er is. Niet ik als Frits, want dat is ook een projectie, maar IK, of HET IK, alias, Dat wat IS dat Frits als punt van perspectief heeft gekozen. Dit houdt in dat IK gelooft in afscheiding, aangezien dat is wat ik als Frits zie. Bovendien is het niet alleen wat ik als Frits zie, maar ook wat ik als Frits de afgelopen weken geloofde als zijnde waarheid… en dat laatste is een keuze die IK onbewust heeft genomen als ik als Frits.

Vanochtend explodeerde dat en door er naar te kijken en het te analyseren, heb ik de kans gekregen om opnieuw te kiezen. Ik zie nu opnieuw het verhaal als een projectie. Ik zie dat het leven een verhaal is dat vertelt wordt door een gespleten denkgeest die er op uit is om gescheidenheid en angst te verspreiden, in een poging het verhaal tot waarheid te bombarderen. Het is niet de bedoeling het verhaal te veranderen, maar er is wel de vrijheid om ervoor te kiezen om het te zien als slechts een verhaal.

Elk punt van perspectief heeft zijn eigen beeld van dat verhaal en elk punt van perspectief krijgt dagelijks de uitnodiging om zijn versie van het verhaal te geloven of niet. Niet een deel van het verhaal, niet alleen maar het deel dat hem niet aanstaat, maar het hele verhaal. Het hele verhaal is helemaal waar of het hele verhaal is helemaal niet waar. Dat is de keuze die we hebben. Daarmee verander je niet het verhaal, maar wel de manier waarop je er naar kijkt en de manier waarop je het ervaart, en dit is mij de afgelopen vier weken ontgaan. Mijn excuus daarvoor, ik wist niet wat ik deed.

De externe projectie

Alles wat gezien en ervaren wordt, is een externe projectie van de innerlijke gesteldheid. Of zoals het in Een Cursus in Wonderen in de inleiding van hoofdstuk 21 wordt onderwezen: “Projectie maakt waarneming. De wereld die jij ziet is wat jij haar gegeven hebt, niets meer. Maar ook al is ze niets meer, ze is ook niets minder. Daarom is ze voor jou belangrijk. Ze getuigt van de staat van jouw denkgeest, de uiterlijke weergave van een innerlijke toestand.”

Ik geloof dat het van belang is om daar nu, ten tijde van een in Nederland gedeeltelijke- maar in andere landen een volledige lockdown naar aanleiding van de uitbraak van een Corona-virus, iets dieper op in te gaan. Dit gaat een lange tekst worden, maar ik vertrouw erop dat je hier iets aan gaat hebben. Ik doe dit in eerste instantie voor mijzelf, omdat ik de enige ben die hier is, maar ik neem aan dat wat ik schrijf ook voor ieder ander geldt; niet omdat het werkelijk zo is, maar omdat dit zo lijkt te zijn.

In Waarheid zijn er geen anderen, maar dat geldt dan automatisch voor elk punt van perspectief dat we een entiteit noemen; mens, dier, plant, objecten, et cetera. Gezien vanuit het punt van perspectief dat ‘Frits’ heet, ben ik (Frits) de enige die hier is en alles wat ik zie en ervaar is een externe projectie van mijn innerlijke gesteldheid, toestand of conditie. Dit betekent dat het niet aan mij is om iets te vinden, te zeggen of te oordelen over wat ik zie en ervaar, maar dat wat ik zie en ervaar puur en alleen voor mij is, over mij gaat en iets over mij zegt.

Ik ben de enige die hier is! Ik zal dit steeds herhalen in de hoop dat het doordringt en binnenkomt, in eerste instantie bij mijzelf en hopelijk wellicht ook bij een ander punt van perspectief. Ik ben de enige die hier is en dat betekent dat alles, inclusief elke persoon die ik zie en ervaar, een projectie is van wat er in mij gaande is. Als ik, vanuit het punt van perspectief van ‘Frits’, jou zou zien, dan moet jij een projectie zijn van mijn innerlijke gesteldheid. Ik heb letterlijk geen enkel bewijs, en zal dat ook nooit vinden, dat jij daadwerkelijk bestaat zoals ik besta.

Het belang van dit inzicht is dat letterlijk alles een uitnodiging is om bij mijzelf, als het schijnbare functionele huidige punt van perspectief, naar binnen te kijken en uit te vinden wat het in mij is dat er voor zorgt dat ik projecteer wat ik zie en ervaar. Er is hierbij geen onderscheid tussen een positieve projectie of een negatieve projectie, hoewel ‘Frits’ als punt van perspectief geneigd is om dat onderscheid wel te zien en te ervaren, maar er is geen verschil, of het nou de meest mooie romantische ontmoeting is of de uitbraak van een Corona-virus, alles is die uitnodiging.

Om dit werkelijk te realiseren, moet ik duidelijkheid hebben over wat ik ben, want alleen dan is het mogelijk om me terdege te realiseren waarom ik hier alleen ben, en alleen dat kan verklaren waarom alles wat door mijn punt van perspectief gezien en ervaren wordt, een externe projectie van mijn innerlijke gesteldheid is. Zoals ik al vaker heb gesteld, is dit gebeuren op aarde, en in feite het gebeuren in dit hele universum, niets anders dan het dromen van een droom; en wat is een droom anders dan een een externe projectie van de innerlijke gesteldheid? De droom die ik ’s nachts droom lijkt werkelijkheid te zijn, terwijl het zich puur en alleen afspeelt in mijn denkgeest. Zo ook is dit leven dat ik zie en ervaar als werkelijkheid, dit leven op aarde in dit universum, een gedroomde tijdlijn die zich puur en alleen afspeelt in een denkgeest.

Nu komt het cruciale punt: er is maar één denkgeest! Dus dan moet ik die denkgeest zijn; niet als dit lichaam, wat een gedroomd personage is, maar als wat ik werkelijk ben. Er is maar één denkgeest en alles wat ik zie en ervaar als punt van perspectief is een geprojecteerd verhaal op een gedroomde tijdlijn in die ene denkgeest, met andere woorden: een externe projectie van de innerlijke gesteldheid van die ene denkgeest. Ik kan, als gedroomde entiteit binnen de gedroomde tijdlijn, niet anders dan aannemen dat dit ook voor iedere andere entiteit geldt.

Jij, zo neem ik aan, ervaart jezelf als bestaand personage en bent dan vanzelfsprekend een punt van perspectief van die ene denkgeest die een externe projectie van een innerlijke toestand ervaart. Vanuit jouw punt van perspectief gezien ben JIJ de enige die hier is en ben ik, in de vorm van deze tekst die je nu leest, een externe projectie van jouw innerlijke gesteldheid; wat niet meer is dan de innerlijke gesteldheid van die ene denkgeest, aangepast aan jouw punt van perspectief.

Dit inzicht houdt automatisch in dat wij, als punten van perspectief, de wereld om ons heen niet kunnen veranderen, omdat het slechts een projectie is van de innerlijke toestand van de ene denkgeest. Het is alsof je in de spiegel kijkt en ziet dat je een puist op je neus hebt en dan gaat proberen die puist uit te knijpen op de reflectie in de spiegel. Gestoord, toch? Maar toch doen wij, als punten van perspectief, voor een periode van 80 à 90 jaar op deze gedroomde tijdlijn, dat elke dag. En ja, dat is gestoord, het is compleet mesjokke, want de enige plek waar je de wereld, wat een externe projectie van een innerlijke toestand is, schijnbaar kunt veranderen, is in die ene denkgeest, want van daaruit wordt het geprojecteerd.

Nou snap ik dat dit ingewikkeld is, omdat de droom en de gedroomde tijdlijn zo ontzettend realistisch en echt lijken. Dat is ook de bedoeling. De uiterlijke projectie is overgenomen door het idee van een bestaande ‘zelf’ dat een ‘ego’ heeft, zoals een parasiet het brein en het functioneren van een levend wezen kan overnemen. Zodra het punt van perspectief zich identificeert met die ‘zelf’ en dat ‘ego’, wat tussen geboorte en het derde jaar gebeurt, en die identificatie flink is geworteld, heeft de projectie opeens als enig doel elke punt van perspectief ervan te overtuigen dat het leeft in een echte wereld met echte andere mensen en echte dodelijke ziektes die het in potentie kan bedreigen.

Maar, en dit is belangrijk: elk punt van perspectief is een punt van perspectief van die ene denkgeest en elke punt van perspectief is het enige punt van perspectief dat schijnbaar bestaat. Je kunt dit zien als één schijnbaar personage dat tegelijkertijd miljarden verschillende ervaringen heeft, maar zich, gezien vanuit de gedroomde tijdlijn in de gedroomde droom, voor een periode van 80 à 90 jaar focust op één punt van perspectief. Ondertussen geloven alle andere punten van perspectief van datzelfde ene personage ook dat zij een losstaande eniteit zijn die afzonderlijk van alle andere punten van perspectief bestaat en functioneert, terwijl ze allemaal hetzelfde punt van perspectief zijn van die ene denkgeest en tegelijkertijd miljarden verschillende ervaringen hebben die in de droom worden verspreid over een gedroomde tijdlijn.

Zo kunnen jij (de lezer of wie dan ook) en ik tegelijk het enige punt van perspectief zijn van die ene denkgeest, terwijl we dit op de gedroomde tijdlijn ervaren als twee verschillende punten van perspectief. Niettemin houdt dit in dat ik, op die gedroomde tijdlijn voor een periode van 80 à 90 jaar, mijzelf alleen kan zien als het enige punt van perspectief en dat jij en alles wat ik zie en ervaar, een externe projectie van de innerlijke gesteldheid is van die ene denkgeest.

Ik laat het hier even bij, anders wordt het te lang. Op een later moment zal ik waarschijnlijk beschrijven wat dit betekent voor de situatie waarin we ons lijken te bevinden, hoewel ik denk dat als het bovenstaande wordt ‘gezien’, het wel duidelijk is wat dit betekent en hoe je dat kunt ‘gebruiken.’

Maak je website op WordPress.com
Aan de slag